arrow_drop_up arrow_drop_down
26 juni 2019 

Wat is een angststoornis? De theorie en behandelingen!

Angst is een natuurlijke, gezonde en nuttige emotie die je voelt als er gevaar dreigt. Het is een reactie van je lichaam die je in staat stelt om adequaat te reageren op reële dreigingen van buitenaf. Dit kan op twee manieren: namelijk door te vluchten of te vechten. Het wordt wat anders als je zoveel angst hebt dat je niet meer kunt functioneren. Je belemmert jezelf in je relaties, je bewegingsvrijheid, je handelen en je werk. Ook als je verlamd of verstard raakt van angst is er iets mis en verder kunnen angsten ook irreëel en buiten proportie zijn.

In die gevallen spreken we van een angststoornis. Angststoornissen komen veel voor: ongeveer tien procent van de populatie heeft weleens een angststoornis gehad. Ze zijn alleen niet allemaal hetzelfde. De DSM V, het universele handboek voor psychiaters, onderscheidt tien verschillende angststoornissen, waarvan we de belangrijkste verderop uitgebreid zullen beschrijven. We zullen ook ingaan op de oorzaken van deze stoornissen en de behandeling ervan.

Welke angststoornissen komen het meest voor?

  1. Separatie-angst (of verlatingsangst)
  2. Specifieke fobie
  3. Sociale angststoornis
  4. Paniekstoornis
  5. Agorafobie (of straatvrees)
  6. Gegeneraliseerde angststoornis

Separatie-angst

Deze stoornis werd vroeger alleen bij kinderen vastgesteld, maar tegenwoordig wordt erkend dat ook volwassenen aan verlatingsangst kunnen lijden. De oorzaak wordt gezocht in de vroege kindertijd, namelijk bij verstoringen in het hechtingsproces met de verzorger of opvoeder. De grondlegger van deze gedachte is de kinderpsycholoog Bowlby, die een onderscheid maakte tussen een gezonde, veilige hechting en een aantal ongezonde, onveilige hechtingen. Hij deed dit door te experimenteren met baby’s. Zijn opvatting van een gezonde hechting is “een duurzame affectieve relatie tussen een kind en een of meer opvoeders”. Ook stelt hij dat dit eenzelfde basisbehoefte is als eten, drinken en slapen.

Een biologisch fenomeen?

Separatie-angstHij ziet hechting dus als een biologisch fenomeen. Volgens zijn studies duren hechtingsproblemen een leven lang en zijn ze onomkeerbaar. Zijn leerling mary Ainsworth ontwikkelde zijn benadering verder met een meetinstrument voor veilige of onveilige hechting bij baby’s. Dit is de “The Strange Situation Test” en die is inmiddels standaard geworden. Zij maakte onderscheid tussen twee soorten hechtingsproblemen, namelijk de vermijdende hechting en de afwerende hechting, die allebei onveiligheid met zich meebrengen en dus een bron zijn van angst op zeer jonge leeftijd. De oorzaak hiervan ligt in wat bowlby noemde de “ínsensitive” verzorger of opvoeder, die zich kenmerkt door afwijzing, verwaarlozing, de afwezigheid van fysiek contact, een zakelijke houding tegenover het kind en een prikkelbare reactie op signalen van behoeften van het kind, zoals huilen.

Waarin resulteert een ‘onveilige’ jeugd?

Een dergelijke jeugd leidt tot separatieangst , die zich bij volwassenen uit door het constant bang zijn voor een (tijdelijke) scheiding, verlies van de hechtingspersoon en gebeurtenissen die tot een scheiding kunnen leiden. Daarnaast is het voor iemand met verlatingsangst ondraaglijk om alleen te zijn, wil de persoon nergens naartoe buiten de eigen vertrouwde omgeving, kan hij of zij niet ergens anders dan thuis slapen en is er sprake van nachtmerries die te maken hebben met scheidingen. Verder kunnen mensen met deze stoornis jaloers en bemoeizuchtig zijn. Verder zijn ze geneigd vast te blijven zitten in ongezonde of ongelukkige relaties.

De behandeling van separatie-angst

Hoewel de diagnose pas in de laatste versie van de DSM voor het eerst is opgenomen, zijn er al wel behandelmethodes die lijken te werken. Je kunt daarbij denken aan individuele psychotherapie, cognitieve gedragstherapie, lotgenotencontact en angstremmende medicijnen (anxiolytica). Deze laatste zijn geen structurele oplossing en kunnen zeer verslavend werken, waardoor je er steeds mer van nodig hebt om hetzelfde effect te bereiken en je niet mer zonder kunt. Anxiolytica kun je dus alleen kortdurend toepassen, bij voorkeur in combinatie met therapie.

Kleine stapjes maken!

Angststoornis

In een therapie zal ook aandacht zijn voor eventuele andere angsten, die erkend en behandeld moeten worden. Verder wordt er voornamelijk gebruik gemaakt van de techniek van de systematische desensibilisatie. Hierbij leert de cliënt met hele kleine stapjes om alleen te kunnen zijn en daar steeds minder angstig van te worden. Verder lijkt stress een grote rol te spelen bij dit beeld, dus ook dat zal in een therapie aan bod komen en ten slotte kan het zinvol zijn om steun te zoeken bij lotgenoten, bijvoorbeeld door het bezoeken van een praatgroep. Hierdoor wordt de afhankelijkheid van steun van de hechtingspersoon minder en zal ook de angst om deze te verliezen afnemen.

Verlatingsangst is namelijk een relatie-killer, omdat de ander zich snel verstikt zal voelen door het vastklampende gedrag van de cliënt. Mensen met een onbehandelde verlatingsangst hebben dus vaak een lange historie van mislukte relaties, wat de angst alleen maar doet toenemen. Als je jezelf hierin herkent, is het zaak om professionele hulp te zoeken, want verlatingsangst is een complex en diepgaand probleem wat je leven behoorlijk kan verpesten.

Specifieke fobie

Als je dit hebt, ziet het er goed uit, want het is zeer goed te behandelen. Een specifieke fobie is zoals het woord al zegt angst voor één speciaal ding, dier, activiteit of situatie. Er is dus redelijk mee te leven, omdat je gewoon de trigger kunt mijden. Toch kan het vervelend zijn, maar de behandeling van een specifieke fobie hoeft niet lang te duren en slaat bij de meeste mensen goed aan. Fobieën komen vaak voor; maar liefst acht procent van de bevolking heeft ermee te maken (gehad). Dat is bijna een op de tien, dus je hoeft je echt niet te schamen als je deze stoornis hebt.

Voorbeelden van een specifieke fobie zijn vliegangst, angst voor dieren of insecten, liftangst, angst voor de tandarts of claustrofobie, de angst om vast te zitten in een kleine ruimte of ergens niet weg te kunnen, zoals in een menigte. Kenmerkend voor een fobie is dat je angst buitensporig en buiten proportie is en lang aanhoudt, ook als de trigger is verdwenen. De aangewezen behandelvorm wordt “exposure in vivo” genoemd en komt uit de gedragstherapie. Deze vorm van therapie is aantoonbaar werkzaam en wordt al sinds halverwege de vorige eeuw toegepast bij fobieën.

Wat is exposure?

De term “exposure” betekent letterlijk “blootstelling”. De therapie bestaat eruit dat je met hele kleine stapjes wordt blootgesteld aan datgene waar je bang voor bent. Het menselijk lichaam kan maar beperkte tijd angst produceren, dus als je langdurig in contact bent met de situatie, het voorwerp of het dier, verdwijnt je angst vanzelf. De blootstelling is gradueel en wordt langzaam opgebouwd, je wordt niet meteen in het diepe gegooid, maar het gaat in stukjes en beetjes.

Als voorbeeld nemen we hier de angst voor spinnen. In een gedragstherapie zul je eerst alleen maar over spinnen hoeven nadenken en praten, dan een plaatje van van een spin bekijken, daarop het plaatje vasthouden, vervolgens geconfronteerd worden door naar een spin in een potje te kijken, als volgende stap het potje moeten aanraken, en op het allerlaatst wellicht de spin over je hand laten lopen zonder angst!

Sociale angststoornis

Dit is een heel vervelende aandoening die je leven flink kan belemmeren. Ook deze komt vaak voor; zo’n tien procent van de bevolking heeft er last van, maar de stoornis is goed te behandelen. Loop er dus niet te lang mee door, anders kun je behoorlijk geïsoleerd raken en dat is voor niemand goed. Iemand met een sociale fobie, zoals het ook wel wordt genoemd, wordt beheerst door angst voor sociale situaties, zelfs als ze bekend zijn.

Iedereen voelt zich weleens ongemakkelijk op een feestje waar hij niemand kent, maar dat is geen stoornis. Het wordt wat anders als je ook bang bent in vertrouwde situaties of in het gezelschap van bekende mensen. Als je een sociale fobie hebt worstel je met de angst om iets verkeerds te doen of te zeggen, ben je bang voor een afwijzing of en vernedering, vrees je aanstoot te zullen ervaren, ben je overdreven bang voor kritiek, durf je de telefoon niet meer op te nemen en ben je panisch bij de gedachte om in het openbaar te moeten spreken, in een restaurant te eten of naar een sollicitatiegesprek te gaan.

Mensen met deze stoornis zijn in gezelschap onzeker en verlegen, ze gaan snel blozen en ze hebben last van trillende handen. Dit resulteert in dat ze helemaal geen contact meer leggen uit angst dat het opvalt. Dit wordt ook wel een “tril-fobie” genoemd, en sociaal angstige mensen zijn dus in wezen ook bang voor hun eigen angst, wat tot een vicieuze cirkel kan leiden met als gevolg steeds meer angst en vermijding, tot aan een compleet isolement toe. Zo ver hoef je het beslist niet te laten komen als je deskundige hulp zoekt, want er zijn werkzame therapieën voor en je bent er niet toe veroordeeld om altijd maar bang te blijven.

Over de schrijver
Reactie plaatsen